Maximumsnelheidsborden laten zien hoe hard je op een wegvak maximaal mag rijden. In Bijlage 1 van het RVV 1990 staat A1 voor maximumsnelheid, A2 voor einde maximumsnelheid en A3 voor maximumsnelheid op een elektronisch signaleringsbord. A4 en A5 gaan over een adviessnelheid en het einde daarvan. Het verschil tussen een maximum en een advies is belangrijk: een maximum mag je niet overschrijden, terwijl je ook onder de maximumsnelheid altijd een veilige snelheid moet kiezen.
A1, A2 en A3 lees je als een reeks
Bij A1 geldt het getal op het bord als maximum voor het betreffende wegvak. A2 beëindigt de door dat teken aangegeven maximumsnelheid; daarna bepaal je aan de hand van nieuwe borden, het wegtype, de bebouwde kom en de regels voor jouw voertuig welke limiet geldt. A3 toont een actuele maximumsnelheid elektronisch. Staat op een matrixbord een lagere snelheid dan op de vaste borden langs de weg, dan houd je de lagere snelheid van het matrixbord aan.
Een snelheidsbord is geen streefsnelheid. Artikel 19 van het RVV 1990 verlangt dat je binnen de afstand waarover je de weg kunt overzien en waarover die vrij is tot stilstand kunt komen. Regen, mist, duisternis, drukte, wegwerkzaamheden of een korte zichtafstand kunnen dus betekenen dat je ruim langzamer rijdt dan het bord toestaat. De limiet is de bovengrens, niet de garantie dat die snelheid veilig is.
De actuele snelwegregel vraagt om borden lezen
Volgens de actuele uitleg van de Rijksoverheid over maximumsnelheid op de snelweg geldt van 06.00 tot 19.00 uur op bijna alle snelwegen 100 km per uur. Op sommige trajecten geldt 80 km per uur en op een aantal trajecten overdag 130 km per uur. In de avond en nacht kan 100, 120 of 130 km per uur gelden. De maximumsnelheid staat op borden; tijdvensters, vaste borden en matrixsignalen zijn daarom doorslaggevend voor het concrete traject.
Leer geen enkel landelijk getal als antwoord op iedere snelwegvraag. Kijk naar het tijdstip en naar wat er daadwerkelijk langs of boven jouw rijbaan staat. Een aangepast traject kan veranderen en een matrixbord kan wegens file, ongeval of slecht weer tijdelijk een lagere limiet tonen. Deze pagina verwijst daarom naar de actuele overheidsbron in plaats van een lijst die na een beleidswijziging stilzwijgend veroudert.
Algemene regels en voertuiggebonden maxima
Artikelen 20 en 21 van het RVV 1990 bevatten algemene maximumsnelheden binnen en buiten de bebouwde kom. Artikel 22 bevat bijzondere maxima voor bepaalde voertuigen en combinaties, waaronder vrachtauto’s en motorvoertuigen met een aanhangwagen. Als voor jouw voertuig een lagere bijzondere maximumsnelheid geldt, maakt een hoger getal op een algemeen snelheidsbord die voertuiglimiet niet ongedaan. Stel daarom altijd twee vragen: wat geldt op deze weg, en wat geldt voor mijn voertuig?
Ook een zonebord vraagt aandacht. Een zone geldt niet alleen op de plek van het bord, maar binnen het aangeduide gebied tot het einde van de zone. Bij het verlaten van een zijstraat in dezelfde zone staat niet noodzakelijk opnieuw een gewoon A1-bord. Zoek naar de zoneaanduiding en het einde daarvan. Verwar een maximumsnelheid niet met A4, de adviessnelheid: een advies geeft een veilige aanbeveling voor een situatie, maar is niet dezelfde juridische opdracht als A1 of A3.
Zo oefen je zonder getallen te gokken
Maak bij elke afbeelding een korte beslisboom. Noteer eerst het wegtype en of je binnen of buiten de bebouwde kom rijdt. Zoek daarna vaste en elektronische snelheidsborden, inclusief tijdvensters en zones. Bepaal vervolgens welk voertuig je bestuurt en of een aanhangwagen of bijzondere categorie een lagere limiet meebrengt. Sluit af met artikel 19: kan de zichtbare situatie een lagere veilige snelheid vragen?
Vergelijk A1, A2, A3 en A4 op het overzicht van verkeersborden. Oefen daarna toepassingen via verkeersborden oefenen. Zo leer je niet alleen een rood omrand getal herkennen, maar ook wanneer een limiet begint, eindigt of tijdelijk wordt aangepast.
Veelgemaakte fouten
- Aannemen dat op iedere snelweg overdag zonder uitzondering 100 km per uur geldt.
- Een matrixbord negeren omdat er eerder een hoger vast bord stond.
- Na A2 automatisch versnellen zonder de nieuwe geldende limiet vast te stellen.
- Een adviessnelheid verwarren met een maximumsnelheid.
- De limiet voor weg en tijdstip toepassen zonder de voertuiggebonden maximumsnelheid te controleren.
Veelgestelde vragen
Mag ik altijd precies de snelheid op A1 rijden?
Nee. A1 geeft een maximum. Je kiest een lagere snelheid wanneer zicht, weer, verkeer of wegconditie dat nodig maakt.
Wat gaat voor: een vast bord of een lager matrixbord?
De Rijksoverheid vermeldt dat je de lagere snelheid op het matrixbord moet aanhouden.
Waar vind ik alle snelheidsborden?
Bekijk hoofdstuk A op het bordenoverzicht en test daarna de toepassing bij verkeersborden oefenen.
Theorieproef.nl is onafhankelijk van het CBR. Controleer actuele snelheidsclaims altijd bij de overheid en volg de borden ter plaatse.